Hendrik werd omdat hij doof was en geen gehoor gaf aan een oproep van de Duitsers, zomaar doodgeschoten.
“De Tweede Wereldoorlog, geen prettige tijd', zegt Hendrik Kolk. `We hadden destijds een tuinderij aan de Nieuwe Onnastraat, en bij ons logeerde een onderduiker die volgens mij de naam Frans droeg. Op een dag kwamen er Duitsers naar de tuinderij en vroegen naar mijn vader. Die lag ziek op bed, gingen ze vervolgens controleren of dat wel zo was.' Ter hoogte van de tuinderij zag de jonge Kolk, hij was nog maar een tiener, met eigen ogen dat Hendrik Hofman uit Zuidveen dood geschoten werd. `Hofman reed voorbij de tuinderij, die man was doof. Hij had een zak meel achterop de fiets. Ze riepen twee keer halt. Ik zei ook tot twee keer toe tegen die Duitsers dat Hofman doof was, maar ze luisterden niet naar mij. Degene die het voor het zeggen had gaf opdracht te schieten. Ik zag hem zo van de fiets vallen, de meelzak werd ook geraakt. Er zat een gat in de zak, en ik zag het meel er uit lopen. Zoiets vergeet je nooit meer.” Bron: Steenwijker Courant 08-12-2015.